Zelftest

De test wordt geladen...
In deze zelftest wordt gevraagd naar de aanwezigheid van psychische klachten. De test is geschikt voor mensen vanaf 18 jaar. Vul alle vragen zo eerlijk mogelijk in en kies bij twijfel het antwoord dat het beste bij jou past. Er zijn geen goede of foute antwoorden.

Deze zelftest is met grote zorgvuldigheid samengesteld door ervaren psychologen. De uitkomst en het advies zijn gebaseerd op de antwoorden die je zelf hebt gegeven. Deze uitkomst is geen diagnose. Als jij je zorgen maakt over de klachten die je ervaart, adviseren wij je contact op te nemen met je huisarts, ongeacht de uitkomst van deze zelftest.

De antwoorden en resultaten worden niet ingezien door een hulpverlener en worden ook op geen enkele manier opgeslagen.

Welke klachten of problemen wil je onderzoeken? (meerdere opties zijn mogelijk)
Ik heb karaktertrekken die mij op meerdere levensgebieden (werk, relatie, etc.) erg veel hinder opleveren.
Deze karaktertrekken kunnen ten minste worden teruggevoerd tot mijn vroege volwassenheid of pubertijd, of zijn minimaal vijf jaar aanwezig.
Ik heb regelmatig problemen in het contact met andere mensen en dat benadeelt mij erg in mijn functioneren. (bijvoorbeeld: conflicten, vermijden van mensen, mezelf laten gebruiken/misbruiken, anderen begrijpen mij nooit, behandelen mij altijd verkeerd, ik ben erg bang dat anderen mij gaan bekritiseren, ik ben veel te kritisch tegen anderen)
Deze problemen zijn ten minste vijf jaar aanwezig.
Ik heb problemen met het omgaan met mijn emoties die mij erg hinderen. (bijvoorbeeld: ik heb meer dan eens in verschillende situaties intense emotionele uitbarstingen zoals schreeuwen, schelden, agressief gedrag of intense huilbuien, of ik toon en/of voel mijn emoties vrijwel nooit)
Ik heb de problemen met het omgaan met mijn emoties al meer dan vijf jaar.
Mijn manier van kijken naar de wereld, mezelf en anderen verschilt erg van andere mensen en ik ondervind hier op meerdere gebieden (werk, relatie, vriendschappen) hinder van. (bijvoorbeeld: ik beoordeel mezelf veel slechter of beter dan anderen, mijn normen en waarden zijn anders, mijn mening over het bovennatuurlijke of religie is anders, ik schat de wereld veel gevaarlijker in dan anderen)
Gedurende het grootste deel van mijn leven en ten minste afgelopen vijf jaar:

Ik kan regelmatig mezelf moeilijk beheersen, waardoor ik vaak ongezond of problematisch gedrag vertoon en daarmee mezelf schaad of kan schaden.
Gedurende het grootste deel van mijn leven en ten minste de afgelopen vijf jaar:

Ik breng mezelf regelmatig in de problemen, doordat ik altijd zo geremd, perfectionistisch/veeleisend of vermijdend ben.
Persoonlijkheidsproblematiek
Gedurende de afgelopen maand:

Was er een periode van twee weken waarin je je het grootste gedeelte van de dag gedeprimeerd of down voelde, bijna elke dag?
Gedurende de afgelopen maand:

Was er een periode van twee weken waarin je geen interesse of plezier in activiteiten had, waarvan je doorgaans wel geniet?
Heb je, gedurende deze periode, bijna elke dag minder of juist meer eetlust, of is je gewicht af- of toegenomen, zonder dat je dat wilde?
Heb je, gedurende deze periode, bijna elke nacht moeite met in slaap komen, word je vaak wakker, heb je moeite met doorslapen, of word je te vroeg wakker, of slaap je juist te veel?
Gedurende deze periode, spreek of beweeg je trager dan anders, of ben je zenuwachtig of rusteloos, of heb je moeite met stilzitten, en dat bijna iedere dag?
Voel je je, gedurende deze periode, bijna iedere dag moe en futloos?
Voel je je, gedurende deze periode, bijna iedere dag waardeloos of schuldig?
Heb je, gedurende deze periode, bijna iedere dag moeite met nadenken, concentreren of beslissingen nemen?
Gaat het, gedurende deze periode, zo met slecht met je dat je vaak aan de dood denkt, of dat je denkt beter af te zijn als je dood bent?
Maakten die klachten en symptomen het jou erg moeilijk om je werk te doen, zorg te dragen voor het huishouden, of met anderen om te gaan?
Depressieve episode
Depressieve stoornis NAO
Heb je je gedurende het grootste deel van de afgelopen twee jaren bedroefd, somber of depressief gevoeld?
Werd deze periode onderbroken door twee maanden of meer dat je je wel goed voelde?
Was je eetlust in die periode duidelijk veranderd?
Had je in die periode moeite met slapen of sliep je overmatig veel?
Voelde je je in die periode moe of had je weinig energie?
Had je in die periode minder zelfvertrouwen?
Had je in die periode moeite met concentreren of beslissingen nemen?
Voelde je je in die periode wanhopig?
Maakten die klachten en symptomen het jou erg moeilijk om je werk te doen, zorg te dragen voor het huishouden, of met anderen om te gaan?
Dysthyme stoornis (300.4)
Depressieve stoornis, eenmalige episode (296.20)
Depressieve stoornis NAO (311)
Had je als kind vaak moeite om voldoende aandacht te geven aan details en maakte je daardoor fouten in je schoolwerk of andere activiteiten?
Had je als kind vaak moeite om je aandacht bij taken of spel te houden?
Had je als kind vaak moeite om te luisteren als je werd aangesproken?
Had je als kind vaak moeite met het opvolgen van aanwijzingen?
Had je als kind vaak moeite met het afmaken van schoolwerk of karweitjes?
Tussenberekening W-5d
Had je als kind vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten?
Ging je als kind vaak taken of activiteiten uit de weg, waarbij je je langdurig moest concentreren?
Raakte je als kind vaak dingen kwijt die je nodig had voor taken of bezigheden? (bijvoorbeeld speelgoed, huiswerk, potloden, boeken, of gereedschap)
Was je als kind gemakkelijk afgeleid door de dingen die om je heen gebeurden?
Vergat je als kind vaak afspraken of taken?
Bewoog je als kind vaak onrustig? (bijvoorbeeld met handen of voeten bewegen of in je stoel draaien)
Kon je moeilijk stilzitten, zelfs in situaties waar dat nodig was?
Rende je als kind vaak rond of klom je overal in, ook als dit ongepast was?
Had je als kind vaak moeite om rustig te spelen, of je bezig te houden met ontspannende activiteiten?
Was je als kind vaak in de weer of draafde je maar door?
Praatte je als kind vaak aan één stuk door?
Gaf je als kind vaak al antwoord, voordat de ander zijn vraag had afgemaakt?
Had je als kind vaak moeite met je beurt afwachten?
Verstoorde je als kind vaak bezigheden van anderen, of drong je je op?
Zijn er 6 of meer symptomen van hyperactiviteit of onoplettendheid?
Had je deze verschijnselen van hyperactiviteit-impulsiviteit of onoplettendheid al vóór je zevende jaar?
Had je, ten gevolge van deze verschijnselen van hyperactiviteit-impulsiviteit of onoplettendheid, problemen thuis, op school, of met vriendjes?
Heb je ook nu nog vaak moeite om voldoende aandacht te geven aan details en maak je daardoor fouten in taken of bij andere activiteiten?
Heb je ook nu nog vaak moeite om je aandacht bij taken of andere activiteiten te houden?
Heb je ook nu nog vaak moeite om te luisteren als je aangesproken wordt?
Heb je ook nu nog vaak moeite met het opvolgen van aanwijzingen?
Heb je ook nu nog vaak moeite met het afmaken van werk of klussen?
Tussenberekening W-7d
Heb je ook nu nog vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten?
Ga je ook nu nog vaak taken of activiteiten uit de weg waarbij je je langdurig moet concentreren?
Raak je ook nu nog vaak dingen kwijt die je nodig heb voor taken of bezigheden? (bijvoorbeeld pennen, boeken, of gereedschap)
Ben je ook nu nog gemakkelijk afgeleid door dingen die om je heen gebeuren?
Vergeet je ook nu nog vaak afspraken of taken?
Beweeg je ook nu nog vaak onrustig? (bijvoorbeeld met handen of voeten bewegen, of in je stoel draaien)
Kun je ook nu nog moeilijk stil zitten, zelfs in situaties waar dat nodig is?
Voel je je ook nu nog vaak rusteloos?
Heb je ook nu nog vaak moeite om je bezig te houden met ontspannende activiteiten?
Ben je ook nu nog vaak in de weer of draaf je maar door?
Praat je ook nu nog vaak aan één stuk door?
Geef je ook nu nog antwoord, voordat de ander zijn vraag heeft afgemaakt?
Heb je ook nu nog moeite met je beurt afwachten?
Verstoor je ook nu nog vaak bezigheden van anderen, of dring je je op?
Zijn er zes of meer symptomen van hyperactiviteit of onoplettendheid?
Hebben deze verschijnselen van hyperactiviteit-impulsiviteit of onoplettendheid geleid tot duidelijke problemen in twee of meer van de volgende situaties: op school, op het werk, thuis, of bij familie of vrienden?
Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit, gecombineerde type (314.01)
Heb je meer dan eens een "aanval" gehad waarbij je plotseling allerlei lichamelijke klachten kreeg, je onbehaaglijk voelde, of waarbij je je plotseling bang of angstig voelde?
Bereikte zo'n aanval een piek binnen tien minuten?
Kwamen die aanvallen ooit onverwacht, spontaan, onvoorspelbaar, of zonder enige aanleiding?
Had je de afgelopen maand twee of meer van zulke aanvallen?
Verstoren deze aanvallen je werk of sociaal functioneren, of het functioneren op andere belangrijke terreinen? (bijvoorbeeld door voortdurende ongerustheid over het krijgen van een nieuwe aanval, bezorgdheid over de gevolgen, of je bent je anders gaan gedragen door de aanvallen)
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je een bonzend of overslaand hart, of hartkloppingen?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je zweterige of klamme handen?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je last van trillen of beven?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Was je kortademig of had je moeite met ademen?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je het gevoel te stikken of had je een brok in de keel?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Voelde je pijn, druk of een beklemd gevoel op de borst?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Voelde je je misselijk, had je last van je maag of plotselinge diarree?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Voelde je je duizelig, onvast op de benen, licht in het hoofd of had je het gevoel flauw te zullen vallen?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Leek je omgeving vreemd, niet echt, ver weg of niet vertrouwd? Leek het alsof je buiten een deel van jezelf of je hele lichaam stond?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Was je bang de controle te verliezen of gek te worden?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Was je bang om dood te gaan?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je tintelingen of een verdoofd gevoel ergens in je lichaam?
Tijdens de ergste aanval die je je kunt herinneren:

Had je last van opvliegers of koude rillingen?
E4 samenvatting
Is er bij jou sprake van een buitensporige angst in situaties waaruit ontsnappen moeilijk of gênant zou zijn, of waar moeilijk hulp geboden kan worden? (bijvoorbeeld in een menigte, wachten in een rij, reizen in openbaar vervoer)
Is de angst momenteel zo groot dat je die situaties vermijdt, of ze niet aangaat zonder dat er iemand bij je is?
Paniekstoornis zonder agorafobie (300.01)
Paniekstoornis met agorafobie (300.21)
Ontstaat er bij jou veel angst als je iets moet doen of presteren in een sociale situatie (bijvoorbeeld op school of werk, een feestje, de kroeg, vergadering), waarbij mogelijk onbekenden aanwezig zijn of kritiek kan volgen?
Is de ontstane angst naar jouw mening veel intenser en heviger dan passend in die situatie?
Ben je zo bang dat je de gevreesde situatie vermijdt of met intense angst moet doorstaan?
Verstoort deze angst in belangrijke mate je werk of sociaal functioneren, of veroorzaakt het duidelijk lijden of ongemak?
Sociale fobie (300.23)
Agorafobie
Was je de afgelopen maand overdreven bang voor heel specifieke zaken zoals vliegen, autorijden, hoogten, kleine ruimtes, stormen, dieren, insecten, het zien van bloed of naalden?
Vind je deze angst overdreven en eigenlijk zonder reden?
Ben je zo bang dat je deze situaties vermijdt, of ze doorstaat, maar dan met een intense angst?
Verstoort deze angst je gewone werk of sociaal functioneren, of het functioneren op belangrijke terreinen?
Specifieke fobie (300.29)
Werd je de afgelopen maand geplaagd door gedachten, neigingen of beelden, die ongewenst, walgelijk, ongepast, opdringerig of verontrustend waren? (bijvoorbeeld het idee dat je vuil of besmet was, de vrees dat je anderen ongewild schaadt, de gedachte om jezelf of een ander iets aan te doen of gedachten van seksuele aard die je beangstigen)
Houden deze opdringerige gedachten aan of komen ze telkens weer terug?
Probeer je deze gedachten, impulsen of voorstellingen te negeren, te onderdrukken of te neutraliseren met een andere gedachte of handeling?
Hebben de gedachten direct betrekking op iets dat je recent hebt meegemaakt, of jou recent is overkomen? (bijvoorbeeld zorgen over problemen op werk of telkens denken aan een ruzie of iets wat je fout hebt gedaan)
Voel je je door opdringerige, vervelende gedachten of regels gedwongen tot het verrichten van telkens herhalend gedrag (bijvoorbeeld schoonmaken, handenwassen, opruimen, controleren), of psychische bezigheden (bijvoorbeeld bidden, tellen, woorden herhalen)?
Zijn de dwanggedachten of dwanghandelingen er op gericht om een bepaalde gevreesde situatie te voorkomen, of om psychisch ongemak te verminderen?
Verstoorden ze je gewone bezigheden, werk, sociale leven, of relaties, of namen ze meer dan een uur per dag in beslag?
Obsessieve-compulsieve stoornis (300.3)
Heb je ooit een extreem schokkende gebeurtenis gezien, of was je daarbij betrokken? (bedoeld wordt een gebeurtenis die te maken heeft met de dood, of met directe dreiging van de dood, of een gebeurtenis waarbij ernstig letsel was of seksuele grenzen werden overschreden, en die gebeurtenis op jou betrekking had, of op iemand anders terwijl jij daar getuige van was)
Had je gedurende de afgelopen maand nare en verstorende herbelevingen van die gebeurtenis? (bijvoorbeeld dromen, nachtmerries, intense herinneringen, flashbacks of lichamelijke reacties)
Ben je sinds die extreem schokkende gebeurtenis extra prikkelbaar, of had je woedeuitbarstingen?
Ben je na die extreem schokkende gebeurtenis dingen gaan vermijden die je daaraan herinneren?
Posttraumatische stress-stoornis (309.81)
Gedurende tenminste de afgelopen 6 maanden:

Had je buitengewoon veel bange voorgevoelens en bezorgdheid over allerlei vervelende dingen die kunnen gebeuren?
Maak jij je daadwerkelijk over alles zorgen?

Selecteer nee, indien je zorgen zich beperken tot enkele situaties of thema’s (zoals slechts je kinderen, relaties of werk)
Deze bezorgdheid over dingen die zouden kunnen gebeuren, is vaker wel dan niet aanwezig?
Vindt je het moeilijk om deze angsten en bezorgdheid maken in de hand te houden? (je merkt bijvoorbeeld dat je het moeilijk vindt om de aandacht gericht te houden op datgene waarmee je bezig bent)
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden, was er dan meestal sprake van:

rusteloosheid, opgewonden of geïrriteerd zijn?
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden,was er dan meestal sprake van:

spierspanning?
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden,was er dan meestal sprake van:

moeheid, zwak gevoel of snel uitgeput zijn?
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden,was er dan meestal sprake van:

moeite met concentreren, black-outs (het ineens niet meer weten)?
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden,was er dan meestal sprake van:

een prikkelbaar gevoel?
Wanneer jij je zo angstig en bezorgd voelde in de afgelopen zes maanden,was er dan meestal sprake van:

slaapstoornissen (moeite met inslapen, wakker worden 's nachts, te vroeg ontwaken of overmatig slapen)?
Drie of meer P3 antwoorden met ja?
Gaven deze angstverschijnselen je veel spanning, of verstoorden ze je functioneren op uw werk of sociaal of op andere gebieden van je leven?
Gegeneraliseerde angststoornis (300.02)
Heb je de afgelopen 12 maanden, bij drie of meer gelegenheden, zes of meer glazen alcohol gedronken?
De afgelopen 12 maanden:

Heb je gemerkt dat je meer alcohol moest gebruiken om hetzelfde effect te hebben?
De afgelopen 12 maanden:

Wanneer je minder alcohol dronk, beefden je handen dan, had je last van transpireren of voelde je je rusteloos, of dronk je alcohol om verschijnselen zoals trillen, transpireren en onrust te vermijden, of om geen kater te hebben?
De afgelopen 12 maanden:

Wanneer je alcohol gebruikte, dronk je dan regelmatig meer alcohol dan je aanvankelijk van plan was te drinken?
De afgelopen 12 maanden:

Heb je geprobeerd minder te drinken of te stoppen, maar lukte dat niet?
De afgelopen 12 maanden:

Spendeerde je op de dagen dat je dronk een groot deel van de tijd aan het verkrijgen van alcohol, het drinken of aan het bijkomen van de effecten van het drinken?
De afgelopen 12 maanden:

Was je minder bezig met je werk of hobby's, of minder met anderen samen, omdat je dronk?
De afgelopen 12 maanden:

Ben je verder blijven drinken hoewel het jou lichamelijke of geestelijke problemen gaf?
Alcoholafhankelijkheid (303.90)
De afgelopen 12 maanden:

Ben je meer dan eens aangeschoten of dronken geweest, of had je een kater, terwijl je verplichtingen had op school, werk of thuis, en veroorzaakte dat problemen?
De afgelopen 12 maanden:

Ben je onder invloed geweest van alcohol als dat lichamelijke risico's met zich meebracht? (bijvoorbeeld autorijden of bedienen van een machine terwijl je onder invloed bent)
De afgelopen 12 maanden:

Ben je in aanraking met justitie gekomen omdat je gedronken had?
De afgelopen 12 maanden:

Ben je verder blijven drinken terwijl je wist dat dit problemen met je familie of omgeving veroorzaakte?
Misbruik van alcohol (305.00)
Heb je de afgelopen 12 maanden drugs, of andere middelen gebruikt? (denk bij andere middelen bijvoorbeeld aan steroïden, slaappillen of dieetpillen)
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Heb je gemerkt dat je steeds meer nodig had om hetzelfde effect te bereiken dan toen je het middel begon te nemen?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Had je ontwenningsverschijnselen toen je het verminderde of stopte (pijn, beven, koorts, flauwte, diarree, misselijkheid, slaapstoornissen, onrust, transpireren, hartkloppingen, gespannenheid, angst, prikkelbaarheid, somberheid), of gebruikte je iets om ontwenningsverschijnselen te voorkomen of om je beter te voelen?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Is het je ooit opgevallen dat je meer van het middel gebruikte dan je aanvankelijk had gepland?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Heb je geprobeerd het middel minder te gebruiken of te stoppen, maar lukte dat niet?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Spendeerde je veel tijd (meer dan 2 uur per dag) om het te verkrijgen, te gebruiken, ervan te herstellen of eraan te denken?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Was je minder bezig met je werk, hobby's, familie en vrienden door het gebruik van het middel?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Ben je het middel blijven gebruiken hoewel het jou lichamelijke of geestelijke problemen gaf?
Afhankelijkheid van drugs of andere middelen
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Ben je onder invloed of 'high' geweest, of had je een kater terwijl je verplichtingen had op school, op het werk of thuis, en veroorzaakte dat problemen?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Ben je onder invloed of 'high' geweest in een situatie waarin dat gevaarlijk kon zijn?
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Ben je in aanraking gekomen met justitie door het middelengebruik? (bijvoorbeeld een arrestatie, wangedrag)
Betreffende het middel dat je gedurende de afgelopen 12 maanden het meeste hebt gebruikt:

Ben je de middelen verder blijven gebruiken ondanks het feit dat dit problemen met familie en omgeving veroorzaakte?
Misbruik van drugs of andere middelen
Hoe lang ben je in cm? (Bijvoorbeeld je bent 1,80 meter lang, vul dan 180 in.)
Wat was je laagste gewicht de afgelopen drie maanden (in kg)?
BMI
Heb je geprobeerd je gewicht gelijk te houden, of zelfs af te vallen, ondanks je lage gewicht?
Was je bang aan te komen of dik te worden ondanks je lage gewicht?
Vind je jezelf, of delen van je lichaam, te dik?
Hebben je gewicht en je figuur een grote invloed op het beeld dat je hebt van jezelf?
Vind je je huidige lichaamsgewicht te laag?
Anorexia nervosa (307.1)
Heb je de afgelopen drie maanden eetbuien gehad waarbij je binnen een tijdsbestek van 2 uur buitensporig grote hoeveelheden voedsel at?
Heb je de afgelopen drie maanden dergelijke eetbuien ten minste twee maal per week gehad?
Had je bij die eetbuien het gevoel dat je het eten niet meer onder controle had of het niet kon stoppen?
Heb je geprobeerd deze eetbuien te compenseren of gewichtstoename te voorkomen door bijvoorbeeld te braken, te vasten, extra te bewegen of (laxeer)middelen te gebruiken?
Eetstoornis NAO (307.50)
Hebben je gewicht en figuur een grote invloed op het beeld dat je hebt van jezelf?
Houd je je geregeld bezig met zelfopgewekt braken, of gebruik je laxeermiddelen, plaspillen of klysmata?
Boulimia nervosa, niet-purgerend type (307.51)
Boulimia nervosa, purgerend type (307.51)
Heb je regelmatig last van lichamelijke klachten zoals pijn, chronische vermoeidheid, duizeligheid, maag/darm problemen, seksuele klachten, problemen met de zintuigen of spierzwakte?
Lijd je erg onder deze lichamelijke klachten, of verstoren deze lichamelijke klachten in belangrijke mate je sociaal of beroepsmatig functioneren of functioneren op andere belangrijke terreinen?
Is lichamelijke pijn de klacht waar je het meeste last van hebt?
Zijn deze lichamelijke klachten medisch onderzocht of beoordeeld door een arts?
Niet onderzochte somatische klachten (A99)
Konden jouw lichamelijke klachten op grond van dat onderzoek worden toegeschreven aan een aantoonbare lichamelijke aandoening/ziekte, of het effect van een middel (zoals drugs of medicijnen)?

Kies Nee indien de klachten niet, of slechts deels, door een lichamelijke oorzaak verklaard konden worden.
Zijn de lichamelijke klachten of beperkingen ernstiger of meer beperkend dan verwacht mag worden op basis van het medisch onderzoek, of medische verklaring?
Somatoforme stoornis
Pijnstoornis (P99)
Heb je je de afgelopen zes maanden vaak zorgen gemaakt dat je mogelijk een ernstige, levensbedreigende lichamelijke ziekte zou hebben?
Heb je vanwege deze vrees voor een ernstige ziekte vaker aangedrongen op onderzoek door de huisarts of door een specialist?
Bleef de vrees voor een ernstige ziekte aanwezig ondanks de resultaten van medisch onderzoek en geruststelling door de arts, of kwam de vrees binnen enkele dagen na de geruststelling alweer terug?
Is deze vrees zo ernstig dat je daardoor wordt belemmerd in je functioneren, bijvoorbeeld in je werk of in je sociale activiteiten?
Hypochondrie (300.7)
Exclusie andere criteria
Heb je een ontregeling van je emoties, gevoel of gedrag als gevolg van stressvolle gebeurtenis(sen) of omstandigheden?
Begonnen deze ontregeling binnen 3 maanden na het optreden van de stressvolle gebeurtenis(sen) of omstandigheden?
Bezorgt deze ontregeling je meer ongemak dan verwacht?
Bezorgt deze ontregeling duidelijke problemen op het werk, in het sociaal leven of op school?
Aanpassingsstoornis (309.9)
Op grond van de klachten die in dit onderzoek aan bod zijn gekomen: welke categorie is het meest op jou van toepassing? Lees alle categorieën door voordat je een keuze maakt. (achter iedere zin tref je praktische voorbeelden van de categorieën)
Je bent aan het einde van deze vragenlijst gekomen. Druk op de knop Klaar om de vragenlijst af te ronden. Je kunt dan niets meer veranderen.
GAF-score
Drie of meer klinische stoornissen
Dysthyme stoornis (300.4)
Depressieve stoornis, eenmalige episode (296.20)
Depressieve stoornis NAO (311)
Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit, gecombineerde type (314.01)
Paniekstoornis zonder agorafobie (300.01)
Paniekstoornis met agorafobie (300.21)
Agorafobie
Sociale fobie (300.23)
Specifieke fobie (300.29)
Obsessieve-compulsieve stoornis (300.3)
Posttraumatische stress-stoornis (309.81)
Gegeneraliseerde angststoornis (300.02)
Alcoholafhankelijkheid (303.90)
Misbruik van alcohol (305.00)
Afhankelijkheid van drugs of andere middelen
Misbruik van drugs of andere middelen
Eetstoornis NAO (307.50)
Anorexia nervosa (307.1)
Boulimia nervosa, niet-purgerend type (307.51)
Boulimia nervosa, purgerend type (307.51)
Somatoforme stoornis (P75)
Pijnstoornis (P99)
Hypochondrie (300.7)
Primaire Insomnia (307.42)
Primaire Hypersomnia (307.44)
Aanpassingsstoornis (309.9)
Persoonlijkheidsproblematiek
Behandeladvies voor klinische stoornis

Aard van de klachten

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er geen aanwijzingen voor een psychische aandoening. Ook geef je aan weinig of geen hinder te ondervinden in je dagelijks functioneren.

Aard van de klachten en advies

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er geen aanwijzingen voor een psychische aandoening. Toch geef je aan dat je klachten hebt die je licht hinderen in je dagelijks leven. Wanneer je hier iets aan wilt doen, adviseren wij je contact op te nemen met je huisarts.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er geen aanwijzingen voor een psychische aandoening. Toch geef je aan dat je klachten hebt die je matig hinderen in je dagelijks leven. Mogelijk is er sprake van een psychologische aandoening die niet wordt gemeten door deze zelftest. Wanneer je iets wilt doen aan de klachten, adviseren wij je contact op te nemen met jouw huisarts.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er geen aanwijzingen voor een psychische aandoening. Toch geef je aan dat je klachten hebt die je ernstig hinderen in je dagelijks leven. Mogelijk is er sprake van een psychologische aandoening die niet wordt gemeten door deze zelftest. Wanneer je iets wilt doen aan de klachten, adviseren wij je contact op te nemen met jouw huisarts.

Niveau van functioneren

Je geeft aan dat de door jou gerapporteerde klachten je weinig hinderen in je dagelijks functioneren.

Je geeft aan dat de door jou gerapporteerde klachten je licht hinderen in je dagelijks functioneren.

Je geeft aan dat de door jou gerapporteerde klachten je matig hinderen in je dagelijks functioneren.

Je geeft aan dat de door jou gerapporteerde klachten je ernstig hinderen in je dagelijks functioneren.

Aard van de klachten

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven, zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van meerdere psychische aandoeningen. Het is op basis van de zelftest is niet te bepalen om welke psychische aandoeningen het gaat. Het is mogelijk dat deze zelftest niet geschikt is voor jouw klachten.

Depressieve klachten

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een depressie. Van een depressie kan gesproken worden, indien er ten minste twee weken lang sprake is van somberheidsklachten. De klachten kunnen zich uiten in de vorm van neerslachtigheid, interesseverlies, schuldgevoelens, prikkelbaarheid en denken aan dood en sterven. Ook kan er sprake zijn van vermoeidheid, concentratie- en geheugenklachten en verandering in eetlust. De klachten zijn meer dan een normale reactie na een vervelende gebeurtenis. De klachten zijn zo ernstig dat ze je in belangrijke mate hinderen in je algemene functioneren. Depressies komen vaak voor en zijn goed te behandelen. De behandeling is meestal van kortdurende aard.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een dysthyme stoornis. Van een dysthyme stoornis kan worden gesproken, indien er ten minste twee jaar lang sprake is van een mild depressieve stemming. Hoewel er sprake is van minder depressieve klachten dan bij een depressieve stoornis, hinderen deze klachten je wel in belangrijke mate in je algemene functioneren. Een dysthyme stoornis is in de regel goed te behandelden.

Aandachtstekort met hyperactiviteit

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een aandachtstekortstoornis, zoals ADHD. Je geeft aan dat je moeite hebt om je aandacht te richten op een activiteit (concentratie). Hierdoor lukt het je moeilijk om zaken goed te organiseren, ermee bezig blijven, of af te maken. Problemen met aandacht en concentratie kunnen grote gevolgen hebben in het dagelijks leven. Ze kunnen leiden tot slechte school- en werkprestaties, een negatief zelfbeeld en problemen met sociale contacten. Niet alleen voor jezelf, maar ook voor je naasten kan dit een (zware) belasting zijn, zeker als naast deze aandachtsproblemen ook nog andere problemen meespelen die het (gezins)leven belasten. Aandachtsproblemen zijn goed te behandelen.

Angstklachten

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een paniekstoornis met agorafobie. Je rapporteert aanvallen te hebben met intense angst, die samengaan met beangstigende, lichamelijke symptomen. Dit wordt een paniekaanval genoemd. De angst en de bijbehorende verschijnselen zijn zo intens dat ze jou erg hinderen in je dagelijkse functioneren. Ook hebben de paniekklachten er toe geleid dat je situaties bent gaan vermijden waar je niet aan kan ontsnappen of snel hulp kan krijgen, wat agorafobie wordt genoemd. Een paniekstoornis met agorafobie komt vaak voor en is goed behandelbaar.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een paniekstoornis. Je rapporteert aanvallen te hebben met intense angst, die samengaan met beangstigende, lichamelijke symptomen. Dit wordt een paniekaanval genoemd. De angst en de bijbehorende verschijnselen zijn zo intens dat ze jou erg hinderen in je dagelijkse functioneren. Een paniekstoornis komt vaak voor en is goed behandelbaar.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een agorafobie. Je geeft aan situaties te vermijden waar je niet kan ontsnappen of snel hulp kan krijgen. Deze vermijding is zo ernstig dat het jouw leven flink belemmert. Agorafobie komt in de regel vaak voor in combinatie met paniekaanvallen en is goed te behandelen.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een sociale angststoornis, ook wel sociale fobie genoemd. Je geeft aan dat je intense angst ervaart in sociale situaties waar je iets moet presteren of waar je een negatieve beoordeling of kritiek verwacht. Deze situaties worden door jou vermeden, of met intense angst doorstaan. Hierdoor ervaar je hinder in je dagelijks of beroepsmatig functioneren. Een sociale angststoornis is goed behandelbaar.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een specifieke fobie. Een specifieke fobie is één van de meest voorkomende psychische aandoeningen. Er is bij een specifieke fobie sprake van een buitensporige of onredelijke angst voor een bepaalde situatie of een bepaald object. Zodra je hiermee wordt geconfronteerd, ontstaat onmiddellijk een intense angstreactie. De angst kan door allerlei situaties/objecten worden opgeroepen. Denk bijvoorbeeld aan honden, spinnen, bloed, hoogtes, clowns, ziekenhuizen, de tandarts of vliegen. Een specifieke fobie is vaak goed en snel te behandelen.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een obsessieve compulsieve stoornis. In de volksmond wordt deze aandoening ook wel een dwangstoornis genoemd. Je geeft aan dat er sprake is van één of meerdere opdringende, vervelende gedachten. Deze gedachten dringen zich steeds aan je op. Om de emotionele spanning van de opdringende gedachten te verminderen voer je dwangmatige handelingen uit. Bij dwangmatige handelingen kan er bijvoorbeeld sprake zijn van: zeer vaak je handen wassen, overmatig controleren of de deur op slot staat/het gas wel uit staat, of extreem schoonmaken in het huishouden. Dwangstoornissen komen vaak voor en kunnen goed worden behandeld.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een post traumatische stress stoornis, kortweg PTSS genoemd. Post traumatische stress stoornissen kunnen ontstaan indien je slachtoffer of getuige bent geweest van een ernstig bedreigende situatie of gebeurtenis. Deze situatie/gebeurtenis heeft nog steeds een grote invloed op je leven door herbelevingen, vermijding, prikkelbaarheid of uitputting. PTSS is een veel voorkomende psychische aandoening en er bestaan goede en kortdurende behandelingen voor.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een gegeneraliseerde angststoornis. Bij een gegeneraliseerde angststoornis is er sprake van overmatige bezorgdheid en bange voorgevoelens over allerlei zaken. De bezorgheid heeft meestal het doel om voorbereid te zijn op mogelijke problemen. Het lukt iemand met een gegeneraliseerde angststoornis echter niet meer om de bezorgdheid in de hand te houden, waardoor er veel hinder wordt ondervonden in het algemene functioneren. Behandeling van een generaliseerde angststoornis is goed mogelijk.

Verslaving

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor misbruik van alcohol. Je geeft aan dat je jezelf of anderen door het alcoholgebruik schade toebrengt, of kan toebrengen. Zo kan het zijn dat door het gebruik van alcohol je baan in gevaar is, of dat je risico’s neemt in het verkeer, of zelfs dierbaren mishandelt of tekort doet. Misbruik van alcohol komt veel voor en is goed te behandelen.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor misbruik van een middel (bijvoorbeeld drugs, medicijnen, etc.). Je geeft aan dat je jezelf of anderen door het middelengebruik schade toebrengt of kan toebrengen. Zo kan het zijn dat door het middelengebruik je baan in gevaar is, of dat je risico’s neemt in het verkeer of zelfs dierbaren mishandelt of tekort doet. Misbruik van middelen komt veel voor en is goed te behandelen.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor afhankelijkheid van alcohol. Van alcoholafhankelijkheid wordt gesproken indien er sprake is van onaangepast gebruik, dat uiteindelijk heeft geleid tot gewenning en onthoudingsverschijnselen. Ook kan het voorkomen dat regelmatig meer alcohol wordt gebruikt dan voorgenomen, dat pogingen om het gebruik te stoppen faalden en dat belangrijke activiteiten worden opgegeven, of niet meer mogelijk zijn, in verband met het alcoholgebruik. Het komt geregeld voor dat het alcoholgebruik doorgaat, ondanks dat iemand zich bewust is van de schadelijke effecten op zijn of haar leven. Behandeling van alcoholafhankelijkheid is goed mogelijk.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor afhankelijkheid van een middel (bijvoorbeeld drugs, medicijnen, etc.). Van afhankelijkheid van een middel wordt gesproken indien er sprake is van onaangepast gebruik, dat uiteindelijk heeft geleid tot gewenning en onthoudingsverschijnselen. Ook kan het voorkomen dat regelmatig meer middelen worden gebruikt dan voorgenomen, dat pogingen om het gebruik te stoppen faalden en dat belangrijke activiteiten worden opgegeven of niet meer mogelijk zijn, in verband met het middelengebruik. Het kan hierbij zelfs voorkomen dat het gebruik doorgaat, ondanks dat iemand zich bewust is van de schadelijke effecten op zijn of haar leven. Behandeling van middelenafhankelijkheid is goed mogelijk.

Eetproblemen

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een eetstoornis. Je geeft aan dat je klachten hebt die te maken hebben met je eetpatroon. Er is bijvoorbeeld sprake van eetbuien, overmatig en ongezond lijnen, ondervoeding of het overgeven van voedsel vanuit de gedachte een eerdere eetbui ongedaan te maken. Als je eetproblemen hebt, kan het zijn dat je niet tevreden bent met je lichaamsgewicht, lichaamsvorm of uiterlijk. Psychische behandeling kan vaak helpen bij eetproblemen.

Onverklaarbare lichamelijke klachten

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een somatoforme stoornis. Je geeft aan één of meerdere klachten te hebben die te maken hebben met je lichamelijk functioneren, of lichaam. Je hebt veel last van de klachten, maar na medisch onderzoek konden je klachten niet, of onvolledig, worden verklaard door een lichamelijke oorzaak.

Het is mogelijk dat psychische factoren een rol spelen bij je klachten, hoewel dat niet altijd helemaal duidelijk wordt. Het is wel bekend dat psychische behandeling een positieve rol kan spelen bij het omgaan met deze klachten of kan leiden tot het herstel van de klachten. Dit kan zelfs als er een lichamelijke oorzaak is aan te wijzen (bijvoorbeeld in het geval van omgaan met pijn).

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een pijnstoornis. Je geeft aan één of meerdere klachten te hebben die te maken hebben met je lichamelijk functioneren, of lichaam. Pijn is hierbij het voornaamste probleem, maar na medisch onderzoek konden je klachten niet, of onvolledig, worden verklaard door een lichamelijke oorzaak.

Het is waarschijnlijk dat psychische factoren een rol spelen bij je pijnklachten, hoewel dat niet altijd helemaal duidelijk wordt. Het is wel bekend dat psychische behandeling een positieve rol kan spelen bij het omgaan met deze klachten of kan leiden tot het herstel van de klachten. Dit kan zelfs als er een lichamelijke oorzaak is aan te wijzen.

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van hypochondrie. Je geeft aan vaak heel bang te zijn om een ernstige ziekte te hebben. Je geeft ook aan dat je lichamelijke symptomen, of jouw angsten, niet medisch verklaard of bevestigd worden. Geruststelling door een arts en/of resultaten van medisch onderzoek hebben jouw angst niet laten verdwijnen. Je aanhoudende angst, of overtuiging een ernstige ziekte te hebben, veroorzaakt veel hinder in je dagelijks leven. Hypochondrie kan behandeld worden aan de hand van psychologische behandeling.

Aanpassingsproblemen

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van een aanpassingsstoornis. Je geeft aan dat er in je leven één of meerdere stressvolle gebeurtenissen zijn geweest. Het aanpassen aan, of het verwerken van, deze gebeurtenis kost je veel moeite. Je ervaart hierdoor veel psychische klachten. Aanpassingsstoornissen komen vaak voor en zijn vaak snel en eenvoudig te behandelen.

Persoonlijkheidsproblematiek

Op basis van de antwoorden die je hebt gegeven zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van problematische karaktertrekken. Deze karaktertrekken kunnen je kwetsbaar maken voor het ontwikkelen van psychische klachten (bijvoorbeeld sneller in depressie raken, of snel bang zijn). Ook kunnen ze ervoor zorgen dat je snel schadelijk/ongunstig gedrag vertoont (bijvoorbeeld woede aanvallen, drugsgebruik, vermijden van conflicten), of dat andere mensen vervelend op jou reageren (bijvoorbeeld geen vrienden kunnen behouden, vaak ontslagen of vermeden worden).

In principe heeft ieder mens zijn of haar eigen (ongunstige) karaktereigenschappen. Behandeling is slechts nodig en passend als deze karaktertrekken voor veel problemen zorgen in het dagelijks functioneren. Om te kunnen bepalen of er sprake is van dergelijke problematische karaktereigenschappen is psychologisch onderzoek noodzakelijk.

Advies

Je rapporteert klachten die passen in het beeld van één of meerdere psychische aandoeningen. Deze klachten hinderen je echter weinig in het dagelijks leven. Het is daarom niet direct noodzakelijk om professionele hulp te zoeken.

Mocht je iets aan je klachten willen doen, dan kan een (gratis) online zelfhulpmodule een oplossing bieden. Kijk voor een overzicht van de mogelijkheden op www.digitalezorggids.nl. Indien jij je zorgen maken over je klachten, neem dan contact op met je huisarts.

Je rapporteert klachten die passen in het beeld van één of meerdere psychische aandoeningen. Deze klachten hinderen je licht in het dagelijks leven.

Mocht je iets aan je klachten willen doen, dan zijn er vaak goede behandelingen mogelijk. Soms kan dat in de huisartspraktijk, of via een (gratis) online cursus of zelfhulpmodule. Wij adviseren je om contact op te nemen met je huisarts. Deze kan jou verder helpen, of doorverwijzen voor passende hulp.

Je rapporteert klachten die passen in het beeld van één of meerdere psychische aandoeningen. Deze klachten hinderen je matig in het dagelijks leven. Wij adviseren je om contact op te nemen met je huisarts. Deze kan jou verder helpen, of doorverwijzen voor passende hulp.

Je rapporteert klachten die passen in het beeld van één of meerdere psychische aandoeningen. Deze klachten hinderen je ernstig in het dagelijks leven. Wij adviseren je om contact op te nemen met je huisarts. Deze kan jou verder helpen, of doorverwijzen voor passende hulp.

Druk het resultaat af en neem het mee naar uw huisarts

Hoe nu verder?

Bij sommige veelvoorkomende klachten kun je terecht bij Lentis voor een online training. Deze online zelfhulp werkt goed als jouw klachten niet te ernstig zijn. Het is dan mogelijk je klachten te verminderen en soms zelf volledig onder controle te krijgen. Deze trainingen zijn niet bedoeld als vervanging van een behandeling bij je huisarts of specialist en werken vooral goed als je klachten niet te ernstig te zijn.

Meer informatie

We kunnen ons voorstellen dat je eerst wat meer informatie wilt lezen. Kijk gerust rond op onze website voor alle informatie over problemen, behandelingen, ervaringsverhalen en nog veel meer.

  • 1 op de 4 mensen krijgt psychische problemen

Feedback